SEPTEMBER - OKTOBER 1944

     
       

DE BEVRIJDING VAN

       
   
       

Op 17 september 1944 werd LEMIERS bevrijd door leden van 125th Cavalry Reconnaissance Squadron (113th Cavalry Group) ondersteund door leden van respectievelijk 803rd Tank Destroyer Battalion, 82nd Engineer Combat Battalion alsmede een tankpeloton (Company F) van 113th Cavalry Reconnaissance Squadron (tevens 113th Cavalry Group).  

       

Nadat het dorp bevrijd was trokken de Amerikanen echter niet verder over de rijksweg in de richting Vaals, daar het dorp en de rijksweg door de Duitsers vanuit hun Westwall bunkers rondom de Schneeberg geobserveerd kon worden. 

       

Op 30 september 1944 werden de frontlijn posities van 125th Cavalry Reconnaissance Sqaudron (113th Cavalry Group) in Lemiers overgenomen door leden van 1st Battalion, 116th Infantry Regiment van de beroemde 29th Infantry Division. Dit infanteriebataljon werd door het XIX Corps belast met de verdediging van haar meest zuidelijke flank. Het infanteriebataljon werd op die dag tevens versterkt met Company B, 821st Tank Destroyer Battalion.

       

Op 4 oktober 1944 werd 1st Infantry Battalion, 116th Infantry Regiment weer ontbonden van haar toevoeging aan 30th Infantry Division en keerde men terug onder de controle van het 116th Infantry Regiment. 247th Engineer Combat Battalion (1104th Engineer Combat Group) alsmede 467th Anti Aircraft Artillery (AW) Battalion werden tevens aan het 116th Infantry Regiment toegevoegd.

       

Op 10 oktober 1944 kreeg de 1104th Engineer Combat Group verbale orders om 116th Infantry Regiment af te lossen en haar frontlijn posities over te nemen. De leden van 1st Battalion, 116th Infantry Regiment te Lemiers werden vervolgens afgelost door leden van Company A, 172nd Engineer Combat Battalion.

       

Op 11 oktober 1944 werd 247th Engineer Combat Battalion ontbonden van haar toevoeging aan de 116th Infantry Regiment, dit bataljon viel dus nu officiële weer onder de controle van de 1104th Engineer Combat Group. Op dezelfde dag werd Company B, 821st Tank Destroyer Battalion alsmede Battery A en Battery C van de 467th Anti Aircraft Artillery Battalion tevens aan de geniegroep toegevoegd.

       

Op 17 oktober 1944 was het eindelijk zover en na een artillerie en mortier beschieting van diverse vijandelijke posities begonnen 172nd Engineer Combat Battalion alsmede 247th Engineer Combat Battalion aan hun opmars richting Aken.   De aanval op de Westwall was met name gericht op de Duitse bunkers rondom Horbach en Frosterheide. Vanuit de frontlijn Bocholtz, Orsbach en Lemiers werd de aanval op afstand geobserveerd en beperkte het zich in die sector tot enkel ondersteuningsvuur.

       

Op 18 oktober 1944 werd de aanval voortgezet in de richting van Vetschau en Richterich en net als de dag ervoor heroverde de Amerikanen diverse Westwall bunkers. 

       

Op 19 oktober 1944 vond de herovering van de Westwall bunkers op de Schneeberg eindelijk plaats en kon Vaals worden bevrijd. Leden van respectievelijk 172nd Engineer Combat Battalion en 467th Anti Aircraft Artillery Battalion die zich nog in Lemiers bevonden konden nu over de rijksweg naar Vaals oprukken en voegde zich bij de groep die vanaf de Schneeberg Vaals was binnen getrokken.  

       

Amerikaanse militairen ten tijde van de bevrijding van de gemeente VAALS droegen o.a. de volgende schouderemblemen:

         

Veel Amerikaanse militairen welke niet organiek tot een bepaalde divisie behoorden of waarvan de eigen legereenheid geen eigen schouderembleem had droegen meestal het schouderembleem van het Eerste Amerikaanse leger. Denk maar eens aan bijvoorbeeld de militairen die werden ingedeeld bij de cavalerie, veldartillerie of genie groepen.

First U.S. Army      
 

Militairen met name die deel uit maakte van het hoofdkwartier van het 7e Amerikaanse legerkorps   droegen het schouderembleem van hun legerkorps.

VII Corps      

Militairen van het hoofdkwartier van het 19e Amerikaanse legerkorps (bijgenaamd "Tomahawk") droegen vervolgens een van deze twee variaties van het schouderembleem van hun legerkorps.

XIX Corps      

Militairen die organiek behoorden tot de 1e Amerikaanse infanteriedivisie (bijgenaamd "Big Red One") droegen in de regel het schouderembleem van hun divisie.

1st Infantry Division      

Militairen die behoorden tot een van de Tank Destroyer Bataljons (t.w. 702nd, 803rd, 821st, 823rd) droegen in de regel het schouderembleem van deze antitank organisatie. Met name leden van 803rd en 821st Tank Destroyer Battalion waren tevens betrokken bij de bevrijding van de gemeente Vaals.

Tank Destroyers      

Militairen die organiek behoorden tot een zelfstandig Tank Bataljon (t.w. 743rd, 744th, 745th) droegen in de regel het schouderembleem van hun gepantserde organisatie. Slechts twee tankpelotons van 745e tankbataljon verbleven een korte periode in de gemeente Vaals tijdens haar bevrijding.

Armored Forces      

Hoewel dit schouderembleem pas midden 1945 door leden van de 113e cavaleriegroep werd gedragen was een gelijkwaardige afbeelding te vinden op de verschillende voertuigen die tot deze cavaleriegroep behoorden.

113th Cavalry Group      

Vanaf begin tot midden oktober  1944 verbleven militairen van de 29e Amerikaanse infanteriedivisie in en rondom de gemeente Vaals zij hadden de posities van 125e cavalerie verkenningseskadron (113e cavaleriegroep) overgenomen. 

29th Infantry Division      
       

Deze website is gerealiseerd en word onderhouden door Arno Lasoe, Heerlen
 © www.zuidlimburgbevrijd.nl 2010, Alle rechten voorbehouden